Het hoe, wat en waarom van auteurs- & portretrecht – deel 2


Gebruik van fotografisch beeldmateriaal
in een private, publieke of commerciële context.
Wat mag, wat moet en wat doe je best niet?

schema auteursrecht / portretrecht - deel 2

III. Vermogensrechten
Het auteursrecht omvat een aantal vermogensrechten of exploitatierechten.
Deze rechten geven de houders van het auteursrecht de mogelijkheid inkomsten te verwerven uit hun artistieke werk.
Vermogensrechten zijn vervreemdbaar en kunnen dus afgestaan worden.
Reproductierecht en recht van mededeling aan het publiek zijn de belangrijkste exploitatierechten die van toepassing zijn op fotografisch beeldmateriaal.
Het volgrecht is van minder belang voor fotografen, het wordt hier volledigheidshalve vermeld.

1. Reproductierecht
Alleen de fotograaf heeft het recht zijn foto op welke wijze of in welke vorm ook (ttz. direct of indirect, volledig of gedeeltelijk, tijdelijk of duurzaam) te reproduceren of te laten reproduceren.

Je hebt de toestemming van de fotograaf echter niet nodig wanneer de reproductie dient voor bijvoorbeeld privé gebruik, onderwijsdoeleinden, wetenschappelijk onderzoek, bibliotheken, musea of archieven, in het kader van kritiek, polemiek, recensie of in het kader van actualiteitsverslaggeving (enkel voor zover het werk geldig bekend werd gemaakt door de auteur).
Voor alle andere toepassingen heb je wel zijn uitdrukkelijke toestemming nodig.

Het auteursrecht van anderen – fotograferen van beeldhouwwerken, monumenten en gebouwen
Uiteraard genieten ook beeldhouwers en architecten auteursrechten. Zij beschikken bijgevolg over het reproductierecht voor hun eigen kunstwerken en realisaties.
Wanneer het werk, monument of gebouw als centraal element in het beeld wordt voorgesteld, dan kan je best toestemming vragen aan de maker.
Wanneer het echter louter deel uitmaakt van de achtergrond, kan het zonder.
Je kan deze benadering vergelijken met het principe van de ‘gerichtheid’ of ‘ongerichtheid’ bij portretten (zie hierna, pagina 11).
Denk bijvoorbeeld aan het MAS in Antwerpen of het Atomium in Brussel.

Met andere woorden:
– Wil je dus als fotograaf een architectonisch interessant gebouw fotograferen, dan heb je de toestemming van de architect daarvoor nodig.
– Wil deze architect vervolgens het (door hem toegestane) beeld commercieel gebruiken, dan heeft hij de toestemming van de fotograaf nodig.

2. Recht van mededeling aan het publiek
Alleen de fotograaf heeft het recht om te beslissen of en hoe zijn werk wordt publiek gemaakt.
Hij zal een licentie verlenen voor een welbepaald gebruik.
Denk met andere woorden goed na over het gebruik dat je in gedachten hebt voor het beeldmateriaal.
Hou er rekening mee dat een gebruikslicentie aan jou wordt gegeven. Tenzij anders werd afgesproken, komt het je, als licentiehouder, niet toe de beelden ter beschikking te stellen aan derden!
De fotograaf kan ook de beslissing nemen om zijn rechten af te staan.

Voor het recht van mededeling aan het publiek gelden dezelfde voorwaarden als voor het reproductierecht wat de (al of niet) noodzakelijke toestemming betreft.

3. Volgrecht
Het volgrecht betreft alleen auteurs van werken van grafische of beeldende kunst, zoals schilderijen, beeldhouwwerken, collages, gravures, lithografieën, enz.
Het heeft de bedoeling de auteur te laten delen in de opbrengsten van de opeenvolgende (openbare) verkopen van het werk, aangezien een verkoop de voornaamste exploitatiewijze van dergelijke werk uitmaakt.
Voorwaarde is dat het aangeboden werk een minimum verkoopprijs realiseert, waarop de kunstenaar vervolgens recht heeft op een percentage van de verkoopprijs, dat degressief is in functie van de hoogte van de verkoopprijs.

Deze tekst werd samengesteld door Patrick Verbessem.

Het hoe, wat en waarom van auteurs- & portretrecht – deel 1


Gebruik van fotografisch beeldmateriaal
in een private, publieke of commerciële context.
Wat mag, wat moet en wat doe je best niet?

In een zestal bijdragen verduidelijk ik de spelregels in verband met auteurs- en portretrecht.
Een aanrader voor iedereen die fotografisch beeldmateriaal voor commerciële doeleinden wenst te gebruiken.

I. Vooraf

In het analoge pre-internet tijdperk was de situatie behoorlijk eenvoudig: een fotograaf nam een foto, vergrootte ze en verkocht de afdruk aan z’n klant.
Het negatief bleef eigendom van de fotograaf, de klant kon gebruik maken van de afdruk.
En iedereen was tevreden.

Dit transactiemodel hield meer dan een eeuw stand, totdat de ene ‘e’-revolutie na de andere ‘i’-omwenteling onze hele belevingswereld ging digitaliseren en de beschikbaarheid van en toegang tot fotografisch beeldmateriaal exponentieel vereenvoudigd werd.
Tegelijkertijd werd de toepassing van, sinds jaar en dag, bestaande rechten een steeds groeiende bron van verwarring en frustratie.

Termen als auteursrecht, reproductierecht, intellectueel recht, portretrecht, exploitatierecht en ga zo nog maar een tijdje door, maken dat de meesten onder ons door de bomen het bos niet meer zien.
Deze bijdrage wil dan ook een poging zijn om als verhelderende natuurwandeling dienst te doen.

schéma auteursrecht / portretrecht - deel 1

II. Auteursrecht

Auteursrecht is het recht van een auteur op officiële erkenning en bescherming van zijn of haar intellectuele en/of artistieke creatie met een zekere originaliteit.
Deze originaliteit veronderstelt twee elementen: intellectuele inspanning en verbondenheid met de persoonlijkheid van de auteur.
Niet de ideeën, concepten of methodes die ten grondslag liggen aan (de creatie van) de foto worden beschermd, enkel de in vorm gegoten realisatie ervan: in het geval van de fotograaf, de foto zelf dus.

Het auteursrecht behoort tot de intellectuele rechten, maar in tegenstelling tot bijvoorbeeld octrooirecht of merkenrecht, ontstaat het automatisch op het moment dat bijvoorbeeld de fotograaf een foto maakt.
Een formele registratie-aanvraag is dus niet vereist, wat maakt dat het gebruik van het copyrightteken ‘©’ niet verplicht is.

Auteursrecht geldt tot 70 jaar na de dood van de fotograaf, te rekenen van de 1ste januari volgend op de datum van overlijden. (Dit is het geval in alle EU-landen, in de Verenigde Staten hanteert men echter een termijn van 95 jaar.) Nadien behoort de foto tot het publieke domein en kan ze vrij gebruikt worden.

De auteursrechten worden opgesplitst in vermogensrechten en morele rechten. Daarnaast speelt het portretrecht, ook al maakt het in wezen deel uit van de persoonlijkheidsrechten, een belangrijke rol.

Deze tekst werd samengesteld door Patrick Verbessem.