Optische illusies: 3D-beelden


Optische illusies
Verkenning en verklaring van een intrigerend verschijnsel
VII. 3D-beelden

De mens dankt zijn 3D-zicht aan twee eigenschappen van zijn ogen:

  • Ze zijn aan de voorzijde van je aangezicht geplaatst, waardoor ze in dezelfde richting kijken. Bij bijvoorbeeld paarden en runderen staan de ogen meer aan de zijkant: daardoor hebben zij een groter zichtbereik, wat echter ten koste gaat van ‘stereo’zicht.
  • Ze staan ongeveer 6,5-7 cm uit mekaar, waardoor elk van hen een net wat ander beeld registreert: parallax-effect. De interpretatie van die kleine verschillen leidt ertoe dat je de wereld rondom jou ziet in drie dimensies.
  • Bij voorwerpen op korte afstand (1-2 m) voelen je hersenen de convergentie van je ogen dankzij zenuwen in de oogspieren.
  • Bij voorwerpen tot een afstand van zo’n 15 m, detecteren je hersenen het verschil in het op de retina geprojecteerde beeld.
  • Andere informatie die een rol speelt bij het stereoscopisch zicht zijn onder andere: de gepercipieerde grootte van voorwerpen, klassiek perspectief: de met toenemende afstand convergerende lijnen, kleurdesaturatie en het verzachten van de helderheid naarmate de afstand toeneemt, schaduwen: een gebrek aan schaduw doet een voorwerp onnatuurlijk overkomen, bewegingsparallax: voorwerpen dichtbij veranderen sneller van positie ten opzichte van de achtergrond dan voorwerpen die verder weg staan, …

Op een (twee-dimensionele) afbeelding vervalt dit effect, omdat alles wordt weergegeven in één vlak.
Door twee twee-dimensionele beelden echter op een bepaalde en specifieke manier met mekaar te combineren, is het mogelijk om de idee (illusie) van diepte op te roepen.

Gekruiste, convergerende oogbollen

Ga recht voor het onderstaande beeld zitten.
Kijk naar het beeld, zonder je hoofd te bewegen of je ogen rond te laten dwalen.
Kruis nu je ogen (kijk scheel) totdat de twee vierkanten er vier zijn geworden.
Verminder vervolgens de kruising totdat de twee middelste vierkanten samensmelten tot één beeld: je zal merken dat de verticale staaf zich duidelijk voor het witte vierkant bevindt.

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

(klik op de foto om ze te vergroten)

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

(klik op de foto om ze te vergroten)

Divergerende oogbollen

Het valt niet iedereen even gemakkelijk om zijn ogen te kruisen (convergentie van de oogballen).
Er zijn dan ook in de loop der jaren heel wat hulpmiddeltjes ontwikkeld om stereoscopische beelden te bekijken. Deze werkten op het principe van divergentie van de oogbollen.

In het midden van de 19de eeuw hoorde een (Holmes-)stereoscoop bij de basisuitrusting van elk zich respecterend gezin.
Vandaag de dag zijn deze toestelletjes nog nagenoeg enkel terug te vinden in speelgoedwinkels: de Lestrade en View-Master stereoscopen zijn (waren) er alom bekende voorbeelden van.

Anaglyphen

Bij toepassing van convergentie en divergentie van de ogen zijn steeds twee, naast mekaar geplaatste, beelden nodig.
Er bestaan echter ook technieken waarbij beide beelden op mekaar liggen.
Hierbij wordt gebruik gemaakt van speciale brillen.
Bij anaglyphen krijgt het ene beeld een rode kleur, terwijl het andere beeld een blauwe (of groene) kleur krijgt. Wanneer je naar dergelijk beeld kijkt met een bril met rood en blauw (groen) glas, ontstaat opnieuw het stereoscopisch beeld.
Deze methode is echter niet erg ‘vriendelijk’ ten opzichte van kleuren. Daarom wordt ze meestal gebruikt bij zwart/wit beelden.

Bekijk de hieronder staande beelden met een rood/blauwe bril.

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

(klik op de foto om ze te vergroten)

Voor cinematografische doeleinden en bij 3D-televisie, maakt men gebruik van gepolariseerd licht. Dit is een methode die enkel werkt bij geprojecteerde beelden en kan dus niet op papier getoond worden.
Voordeel van deze methode is de kleurechtheid van het effect. Nadeel zijn de, van nature, donkere beelden, waardoor een krachtige projector noodzakelijk is.

Optische illusies: grootte-illusies


Optische illusies
Verkenning en verklaring van een intrigerend verschijnsel
VI. Grootte-illusies

De grootte van een voorwerp wordt door je hersenen geïnterpreteerd aan de hand van bijkomende informatie uit de omgeving.

Illusie van Ebbinghaus

De centrale cirkel is in beide gevallen even groot. Door hem tussen grotere of kleinere cirkels te plaatsen, wordt hij als kleiner of groter gezien.

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

De maanillusie

De maanillusie is een voorbeeld uit de praktijk van dit type illusie. Ook al is de projectie van de maan op het netvlies van je ogen even groot, toch heb je de indruk dat ze gigantisch groot is, wanneer ze net boven de horizon staat. Deze indruk heb je niet wanneer ze hoog aan het firmament staat. Een deel van de verklaring ligt in het feit dat je de grootte van de maan vergelijkt met de bomen en gebouwen die je in de verte waarneemt.

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

Toch blijft de illusie bestaan wanneer de maan laag boven de zee of woestijn staat. Wellicht treedt hierbij informatie over het terrein, zoals het rimpelende weter in de zee of de glooiende zandstroken in de woestijn, op als referentiekader.

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

Hoog aan de hemel ontbreken deze vergelijkingspunten.

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

Optische illusies: lengte-illusies


Optische illusies
Verkenning en verklaring van een intrigerend verschijnsel
V. Lengte-illusies

Lengte illusies zijn cultureel gebonden.
In culturen waar rechthoekige gebouwen of voorwerpen niet voorkomen, zijn mensen er veel minder gevoelig voor.

Müller Lyer-illusie

Bij de Müller-Lyer-illusie zorgen de naar buiten openende pijlpunten ervoor dat het lijnstuk langer lijkt.
Het omgekeerde gebeurt bij de naar binnen openende pijlpunten.

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

De illusie werkt evenzeer wanneer de horizontale lijnstukken worden weggelaten.

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

De verklaring ligt in het feit dat je naar buiten openende pijlpunten interpreteert als de buitenzijde van een voorwerp.
Naar binnen openende pijlpunten zie je als de binnenzijde van een voorwerp.

Sander-illusie

De twee diagonalen binnenin de parallellogrammen zijn wel degelijk even lang.
In het linker parallellogram zit de diagonaal gevat tussen twee stompe hoeken, terwijl in het rechter paralellogram ze gevat zit tussen scherpe hoeken.

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

Het hoe, wat en waarom van auteurs- & portretrecht – deel 5


Gebruik van fotografisch beeldmateriaal
in een private, publieke of commerciële context.
Wat mag, wat moet en wat doe je best niet?

schema auteursrechten 5

VI. Portretrecht

2. Gewone particulieren

Kinderen
Zelfgemaakte foto’s van je eigen kinderen mag je zonder problemen publiceren.
Voor de publicatie van foto’s van kinderen van anderen heb je de toestemming van de/een ouder(s) of wettelijke voogd nodig.
Let dus op met het online zetten van de klasfoto van je peuter!

Opgelet! De (van de ouders of voogd) verkregen toestemming om te publiceren dooft uit wanneer het kind meerderjarig* wordt. Op dat moment dient de toestemming vernieuwd te worden door hem of haar (het kind of jongvolwassene zelf dus).

(*) Steeds vaker wordt echter gewerkt met ‘onderscheidingsvermogen’ als criterium. De leeftijd waarop een kind onderscheidingsvermogen ontwikkelt is niet wettelijk vastgelegd, en hangt dus van kind tot kind af. Meestal ligt dit echter rond de leeftijd van 12-14 jaar.
Men onderscheidt daarbij drie situaties:
– Het kind heeft de leeftijd van onderscheidingsvermogen niet bereikt: de toestemming van de ouder(s)/voogd is vereist.
– Het kind heeft die leeftijd wel bereikt, maar is nog niet meerderjarig: de toestemming van zowel kind als ouder(s)/voogd is vereist.
– Het kind is meerderjarig/ontvoogd: enkel de toestemming van het kind is vereist.

Volwassenen
Zelfgemaakte foto’s van jezelf mag je uiteraard zonder problemen publiceren.
Groepsfoto’s van welke aard ook, beelden van derden of beelden waarop derden afgebeeld staan, vereisen de toestemming van elke afgebeelde persoon afzonderlijk.

In deze context is het boeiend om de voortdurende pogingen te volgen van bedrijven zoals Facebook en Google die via steeds veranderende algemene voorwaarden zich ondertussen wel het recht hebben toegeëigend om beeltenissen van personen en profielfoto’s te gebruiken bij gerichte advertenties.
De macht van het geld wint het daarbij duidelijk van enige deontologische bekommernis.

De ‘straat’
Personen die deel uitmaken van een anonieme mensenmassa of deelnemen aan openbare manifestaties, kunnen, gezien het ‘ongerichte’ karakter van de beelden, geen publicatie verbieden*.
Straatportretten worden echter beschouwd als ‘gerichte’ beelden en vereisen bijgevolg wel de toestemming van de persoon in kwestie.

(*) Het algemene principe (zie hierboven, pagina 9) primeert hier echter op: wanneer aan de persoon in kwestie schade wordt toegebracht doordat hij/zij gefotografeerd is in een toevallige, maar belachelijke pose of wanneer kwetsende commentaar de beelden vergezelt, dan kan er wel een publicatieverbod toegepast worden.

3. Publieke figuren
Met publieke figuren worden politici, sportfiguren, filmsterren, bedrijfsleiders en andere prominenten bedoeld.
Van hen moet geen toestemming verkregen worden, in zoverre dat hun beeltenis gebruikt wordt in het kader van actualiteitsverslaggeving of om het publiek te informeren.
Wanneer echter hun privacy in het gedrang komt of wanneer de beelden voor commerciële doeleinden zouden gebruikt worden, is dit wel vereist.

4. Luchtfotografie en Google Street View
Wie heeft het nog niet meegemaakt dat er plots een verkoper aan zijn deur staat met haarscherpe vergrotingen vanuit de lucht van je huis, tuin en omgeving?
In principe zijn luchtfoto’s van privé eigendommen niet verboden. De privacywet is enkel van toepassing op beeldmateriaal van personen en dus vallen roerende (zoals auto’s) en onroerende goederen (zoals gebouwen) niet onder deze wetgeving.
Wanneer je op de beelden echter, zonder buitengewone inspanningen, een persoon kan herkennen, dan worden de beelden van de gefotografeerde eigendommen persoonsgegevens.
Met andere woorden zal elke situatie afzonderlijk moeten onderzocht worden.

Beelden ten behoeve van Google Street View worden steeds vanaf de openbare weg genomen. Google werd weliswaar veroordeeld voor het schenden van de privacy, maar dat had betrekking op het vergaren en registreren van paswoorden en e-mails van computergebruikers, en dus niet op de gemaakte beelden.
Je kan de beelden van je eigendom weliswaar niet laten verwijderen, maar de mogelijkheid om alles wazig te maken wordt wel geboden.

Deze tekst werd samengesteld door Patrick Verbessem.

Het hoe, wat en waarom van auteurs- & portretrecht – deel 4


Gebruik van fotografisch beeldmateriaal
in een private, publieke of commerciële context.
Wat mag, wat moet en wat doe je best niet?

schema auteursrechten 5

VI. Portretrecht
Het basiskenmerk van het portretrecht, of ook nog recht op afbeelding, is de toestemmingsvereiste van de afgebeelde, herkenbare persoon. Deze toestemming wordt niet vermoed en moet uitdrukkelijk en voorafgaandelijk worden verkregen.
Portretrecht geldt tot 20 jaar na het overlijden van de afgebeelde persoon.

Voor publicatie van portretten is zodoende zowel de toestemming van de fotograaf (reproductierecht) als de toestemming van de geportretteerde (portretrecht) nodig.
In die zin houdt het portretrecht dus een beperking in van het auteursrecht.
Noch de fotograaf/eigenaar van het portret, noch de geportretteerde, noch om het even welke andere derde kan eigenhandig beslissen tot publicatie.
– De fotograaf heeft de toestemming nodig van de geportretteerde.
– De geportretteerde heeft de toestemming nodig van de fotograaf.
– Een derde heeft de toestemming nodig van zowel de fotograaf als de geportretteerde.

In een context waarbij je een professioneel fotograaf vraagt om een portret te maken, kan je hierover duidelijke afspraken maken, maar hoe zit het met eigenhandig gemaakte fotografische beelden in eventueel minder formele omstandigheden?

Portretrecht, als deel van het auteursrecht en tevens nauw verbonden met de wet op de privacy, staat soms lijnrecht tegenover het recht op informatie van de burger en de openbare veiligheid.
Ook al werd het portretrecht reeds opgenomen in de oorspronkelijke, uit 1886 daterende, wetgeving rond auteursrecht, en ook al werden deze teksten recentelijk herhaaldelijk gemoderniseerd en uitgebreid, toch merk je dat er rond dit onderwerp één en ander beweegt en rechtspraak regelmatig gestoeld is op interpretatie van het bestaande wetgevende materiaal, bij gebrek aan een sluitende, inclusieve wettekst.

1. Algemeen
Algemeen kan iedere persoon de publicatie van zijn afbeelding verbieden wanneer hij vindt dat hij belachelijk wordt gemaakt, de manier van afbeelden hem schade toebrengt, wanneer de afbeelding wordt gebruikt om reclame te maken voor een product of dienst waar de afgebeelde persoon niet achter staat of wanneer hij slachtoffer of dader* is van een misdrijf.

(*) Een aanpassing van het auteursrecht uit 1994 staat echter de afbeelding toe van personen die veroordeeld werden voor bepaalde terroristische misdrijven.

Deze tekst werd samengesteld door Patrick Verbessem.

Optische illusies: nabeeld


Optische illusies
Verkenning en verklaring van een intrigerend verschijnsel
IV. Nabeeld

Het netvlies van je oog is opgebouwde uit miljoenen lichtgevoelige cellen die ervoor zorgen dat de lichtimpulsen die via je ooglens binnenkomen worden omgezet in een beeld.

Ongeveer 120 miljoen staafjes zorgen voor de waarneming van contrasten en contouren.
Zes miljoen kegeltjes zorgen ervoor dat je kleur ziet. Hiervan heb je drie soorten: ‘rode’, ‘groene’ en ‘blauwe’ kegeltjes laten je toe de drie hoofdkleuren te onderscheiden.
Door deze drie kleuren te mengen krijg je een oneindige variatie van kleuren. Wit is een combinatie van evenredige delen rood, groen en blauw.

Onder normale omstandigheden zijn je ogen voortdurend in beweging en fixeer je een beeld nooit voor lange tijd. Doe je dit toch, dan worden de lichtgevoelige oogcellen ‘moe’.
Staar je bijvoorbeeld lange tijd naar een groen vlak, dan worden de groene kegeltjes uiteindelijk uitgeschakeld: ze sturen geen prikkels meer door.
Wanneer je vervolgens naar een wit blad kijkt (een combinatie van rood, groen en blauw – zie hierboven), dan zie je daar een beeld dat nog slechts informatie van de rode en de blauwe kegeltjes bevat (magenta). Je ziet met andere woorden een ‘negatief’ beeld, gebaseerd op de complementaire kleuren.

Dit wordt het McCollough-effect genoemd.

Kleur

Staar voldoende lang (20-30 seconden) naar het centrum van het linker beeld.
Staar vervolgens naar het centrum van het rechter vak: een beeld van wit min de oorspronkelijke kleur, dus de negatieve kleuren, zal verschijnen.

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

Contrast

Dit effect werkt niet alleen bij kleur, maar ook bij contrast.
Wanneer je voldoende lang naar het linker beeld hebt gestaard, zal je rechts een beeld van een witte cirkel op een zwarte achtergrond onderscheiden.

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

Negatieve beelden

Kleur en contrast gecombineerd.
Door links een negatief beeld te tonen, zal zich op de duur rechts een wit min de negatieve kleuren = positief beeld opbouwen.

Patrick Verbessem - Business Visualisation - optische illusies

Het hoe, wat en waarom van auteurs- & portretrecht – deel 1


Gebruik van fotografisch beeldmateriaal
in een private, publieke of commerciële context.
Wat mag, wat moet en wat doe je best niet?

In een zestal bijdragen verduidelijk ik de spelregels in verband met auteurs- en portretrecht.
Een aanrader voor iedereen die fotografisch beeldmateriaal voor commerciële doeleinden wenst te gebruiken.

I. Vooraf

In het analoge pre-internet tijdperk was de situatie behoorlijk eenvoudig: een fotograaf nam een foto, vergrootte ze en verkocht de afdruk aan z’n klant.
Het negatief bleef eigendom van de fotograaf, de klant kon gebruik maken van de afdruk.
En iedereen was tevreden.

Dit transactiemodel hield meer dan een eeuw stand, totdat de ene ‘e’-revolutie na de andere ‘i’-omwenteling onze hele belevingswereld ging digitaliseren en de beschikbaarheid van en toegang tot fotografisch beeldmateriaal exponentieel vereenvoudigd werd.
Tegelijkertijd werd de toepassing van, sinds jaar en dag, bestaande rechten een steeds groeiende bron van verwarring en frustratie.

Termen als auteursrecht, reproductierecht, intellectueel recht, portretrecht, exploitatierecht en ga zo nog maar een tijdje door, maken dat de meesten onder ons door de bomen het bos niet meer zien.
Deze bijdrage wil dan ook een poging zijn om als verhelderende natuurwandeling dienst te doen.

schéma auteursrecht / portretrecht - deel 1

II. Auteursrecht

Auteursrecht is het recht van een auteur op officiële erkenning en bescherming van zijn of haar intellectuele en/of artistieke creatie met een zekere originaliteit.
Deze originaliteit veronderstelt twee elementen: intellectuele inspanning en verbondenheid met de persoonlijkheid van de auteur.
Niet de ideeën, concepten of methodes die ten grondslag liggen aan (de creatie van) de foto worden beschermd, enkel de in vorm gegoten realisatie ervan: in het geval van de fotograaf, de foto zelf dus.

Het auteursrecht behoort tot de intellectuele rechten, maar in tegenstelling tot bijvoorbeeld octrooirecht of merkenrecht, ontstaat het automatisch op het moment dat bijvoorbeeld de fotograaf een foto maakt.
Een formele registratie-aanvraag is dus niet vereist, wat maakt dat het gebruik van het copyrightteken ‘©’ niet verplicht is.

Auteursrecht geldt tot 70 jaar na de dood van de fotograaf, te rekenen van de 1ste januari volgend op de datum van overlijden. (Dit is het geval in alle EU-landen, in de Verenigde Staten hanteert men echter een termijn van 95 jaar.) Nadien behoort de foto tot het publieke domein en kan ze vrij gebruikt worden.

De auteursrechten worden opgesplitst in vermogensrechten en morele rechten. Daarnaast speelt het portretrecht, ook al maakt het in wezen deel uit van de persoonlijkheidsrechten, een belangrijke rol.

Deze tekst werd samengesteld door Patrick Verbessem.