Auteurs- & portretrecht – alles op een rijtje


De volledige tekst over auteursrechten en portretrecht in de fotografie bracht ik samen in één document, dat je, samen met m’n andere publicaties, kan consulteren en downloaden op SlideShare.

Advertenties

Het hoe, wat en waarom van auteurs- & portretrecht – deel 6


Gebruik van fotografisch beeldmateriaal
in een private, publieke of commerciële context.
Wat mag, wat moet en wat doe je best niet?

schema auteursrechten 6

VII. In de praktijk

1. Snapshots
Stel jezelf steeds empatisch op, verplaats je in de positie van de afgebeelde persoon en vraag je af of er zelfs maar een minuscule reden zou kunnen bestaan waarom hij of zij het onwenselijk zou kunnen vinden om de foto gepubliceerd te zien.
Bij de minste twijfel vraag je het hem of haar of gebruik de foto gewoonweg niet.

In een zero-tolerance wereld heeft hij of zij strikt genomen recht op een schadevergoeding, maar gezien het prijskaartje van een burgerlijke procedure, is de kans klein dat, zeg maar bijvoorbeeld, je buur je hiervoor voor de rechter sleept.
Nogmaals: wees even mild, en zelfs milder, ten opzichte van anderen als dat je van hen ten opzichte van jou verwacht.

2. Professionele opnames
Een goed georganiseerde, volgens de normen van de deontologie werkende, professionele fotograaf informeert en maakt afspraken met zijn klant omtrent de toepassingsmogelijkheden van de gewenste beelden.

Deze afspraken leg je dan ook best vast in een schriftelijke overeenkomst.

Zo onderschrijf ik, als fotograaf, de gedragsregels van de Federation of European Photographers (FEP) en maak ik gebruik van, door de Nationale Vereniging van Beroepsfotografen (NVB) goedgekeurde, standaard overeenkomsten.

Deze tekst werd samengesteld door Patrick Verbessem.

Het hoe, wat en waarom van auteurs- & portretrecht – deel 5


Gebruik van fotografisch beeldmateriaal
in een private, publieke of commerciële context.
Wat mag, wat moet en wat doe je best niet?

schema auteursrechten 5

VI. Portretrecht

2. Gewone particulieren

Kinderen
Zelfgemaakte foto’s van je eigen kinderen mag je zonder problemen publiceren.
Voor de publicatie van foto’s van kinderen van anderen heb je de toestemming van de/een ouder(s) of wettelijke voogd nodig.
Let dus op met het online zetten van de klasfoto van je peuter!

Opgelet! De (van de ouders of voogd) verkregen toestemming om te publiceren dooft uit wanneer het kind meerderjarig* wordt. Op dat moment dient de toestemming vernieuwd te worden door hem of haar (het kind of jongvolwassene zelf dus).

(*) Steeds vaker wordt echter gewerkt met ‘onderscheidingsvermogen’ als criterium. De leeftijd waarop een kind onderscheidingsvermogen ontwikkelt is niet wettelijk vastgelegd, en hangt dus van kind tot kind af. Meestal ligt dit echter rond de leeftijd van 12-14 jaar.
Men onderscheidt daarbij drie situaties:
– Het kind heeft de leeftijd van onderscheidingsvermogen niet bereikt: de toestemming van de ouder(s)/voogd is vereist.
– Het kind heeft die leeftijd wel bereikt, maar is nog niet meerderjarig: de toestemming van zowel kind als ouder(s)/voogd is vereist.
– Het kind is meerderjarig/ontvoogd: enkel de toestemming van het kind is vereist.

Volwassenen
Zelfgemaakte foto’s van jezelf mag je uiteraard zonder problemen publiceren.
Groepsfoto’s van welke aard ook, beelden van derden of beelden waarop derden afgebeeld staan, vereisen de toestemming van elke afgebeelde persoon afzonderlijk.

In deze context is het boeiend om de voortdurende pogingen te volgen van bedrijven zoals Facebook en Google die via steeds veranderende algemene voorwaarden zich ondertussen wel het recht hebben toegeëigend om beeltenissen van personen en profielfoto’s te gebruiken bij gerichte advertenties.
De macht van het geld wint het daarbij duidelijk van enige deontologische bekommernis.

De ‘straat’
Personen die deel uitmaken van een anonieme mensenmassa of deelnemen aan openbare manifestaties, kunnen, gezien het ‘ongerichte’ karakter van de beelden, geen publicatie verbieden*.
Straatportretten worden echter beschouwd als ‘gerichte’ beelden en vereisen bijgevolg wel de toestemming van de persoon in kwestie.

(*) Het algemene principe (zie hierboven, pagina 9) primeert hier echter op: wanneer aan de persoon in kwestie schade wordt toegebracht doordat hij/zij gefotografeerd is in een toevallige, maar belachelijke pose of wanneer kwetsende commentaar de beelden vergezelt, dan kan er wel een publicatieverbod toegepast worden.

3. Publieke figuren
Met publieke figuren worden politici, sportfiguren, filmsterren, bedrijfsleiders en andere prominenten bedoeld.
Van hen moet geen toestemming verkregen worden, in zoverre dat hun beeltenis gebruikt wordt in het kader van actualiteitsverslaggeving of om het publiek te informeren.
Wanneer echter hun privacy in het gedrang komt of wanneer de beelden voor commerciële doeleinden zouden gebruikt worden, is dit wel vereist.

4. Luchtfotografie en Google Street View
Wie heeft het nog niet meegemaakt dat er plots een verkoper aan zijn deur staat met haarscherpe vergrotingen vanuit de lucht van je huis, tuin en omgeving?
In principe zijn luchtfoto’s van privé eigendommen niet verboden. De privacywet is enkel van toepassing op beeldmateriaal van personen en dus vallen roerende (zoals auto’s) en onroerende goederen (zoals gebouwen) niet onder deze wetgeving.
Wanneer je op de beelden echter, zonder buitengewone inspanningen, een persoon kan herkennen, dan worden de beelden van de gefotografeerde eigendommen persoonsgegevens.
Met andere woorden zal elke situatie afzonderlijk moeten onderzocht worden.

Beelden ten behoeve van Google Street View worden steeds vanaf de openbare weg genomen. Google werd weliswaar veroordeeld voor het schenden van de privacy, maar dat had betrekking op het vergaren en registreren van paswoorden en e-mails van computergebruikers, en dus niet op de gemaakte beelden.
Je kan de beelden van je eigendom weliswaar niet laten verwijderen, maar de mogelijkheid om alles wazig te maken wordt wel geboden.

Deze tekst werd samengesteld door Patrick Verbessem.

Het hoe, wat en waarom van auteurs- & portretrecht – deel 4


Gebruik van fotografisch beeldmateriaal
in een private, publieke of commerciële context.
Wat mag, wat moet en wat doe je best niet?

schema auteursrechten 5

VI. Portretrecht
Het basiskenmerk van het portretrecht, of ook nog recht op afbeelding, is de toestemmingsvereiste van de afgebeelde, herkenbare persoon. Deze toestemming wordt niet vermoed en moet uitdrukkelijk en voorafgaandelijk worden verkregen.
Portretrecht geldt tot 20 jaar na het overlijden van de afgebeelde persoon.

Voor publicatie van portretten is zodoende zowel de toestemming van de fotograaf (reproductierecht) als de toestemming van de geportretteerde (portretrecht) nodig.
In die zin houdt het portretrecht dus een beperking in van het auteursrecht.
Noch de fotograaf/eigenaar van het portret, noch de geportretteerde, noch om het even welke andere derde kan eigenhandig beslissen tot publicatie.
– De fotograaf heeft de toestemming nodig van de geportretteerde.
– De geportretteerde heeft de toestemming nodig van de fotograaf.
– Een derde heeft de toestemming nodig van zowel de fotograaf als de geportretteerde.

In een context waarbij je een professioneel fotograaf vraagt om een portret te maken, kan je hierover duidelijke afspraken maken, maar hoe zit het met eigenhandig gemaakte fotografische beelden in eventueel minder formele omstandigheden?

Portretrecht, als deel van het auteursrecht en tevens nauw verbonden met de wet op de privacy, staat soms lijnrecht tegenover het recht op informatie van de burger en de openbare veiligheid.
Ook al werd het portretrecht reeds opgenomen in de oorspronkelijke, uit 1886 daterende, wetgeving rond auteursrecht, en ook al werden deze teksten recentelijk herhaaldelijk gemoderniseerd en uitgebreid, toch merk je dat er rond dit onderwerp één en ander beweegt en rechtspraak regelmatig gestoeld is op interpretatie van het bestaande wetgevende materiaal, bij gebrek aan een sluitende, inclusieve wettekst.

1. Algemeen
Algemeen kan iedere persoon de publicatie van zijn afbeelding verbieden wanneer hij vindt dat hij belachelijk wordt gemaakt, de manier van afbeelden hem schade toebrengt, wanneer de afbeelding wordt gebruikt om reclame te maken voor een product of dienst waar de afgebeelde persoon niet achter staat of wanneer hij slachtoffer of dader* is van een misdrijf.

(*) Een aanpassing van het auteursrecht uit 1994 staat echter de afbeelding toe van personen die veroordeeld werden voor bepaalde terroristische misdrijven.

Deze tekst werd samengesteld door Patrick Verbessem.

Het hoe, wat en waarom van auteurs- & portretrecht – deel 3


Gebruik van fotografisch beeldmateriaal
in een private, publieke of commerciële context.
Wat mag, wat moet en wat doe je best niet?

schema auteursrecht / portretrecht - deel 3a

IV. Morele rechten
Het auterusrecht omvat eveneens een aantal morele rechten.
Deze rechten hebben als doel de persoonlijkheid van de auteur, zoals die in het werk tot uiting komt, te beschermen. Ze bevestigen de band tussen de persoon van de auteur en zijn creatie.
Omwille van het bestaan van die intrinsieke band kan de auteur zijn morele rechten niet afstaan aan derden.

1. Divulgatierecht
Het divulgatierecht is het recht van de fotograaf om zijn beelden bekend te maken aan het publiek. Alleen hij heeft het recht te beslissen wanneer zijn werk beëindigd is en wanneer het publiek er kennis van mag nemen.

2. Vaderschapsrecht
Het vaderschapsrecht, ook wel recht op naamsvermelding genoemd, houdt in dat de fotograaf het recht heeft als auteur van een foto te worden erkend en dat zij bijgevolg derden kunnen verplichten het werk onder de naam van de auteur bekend te maken. De naam van de fotograaf moet bijgevolg bij elk gebruik van zijn beeldmateriaal vermeld worden!
De fotograaf kan echter beslissen om een pseudoniem te gebruiken of om zijn werk anoniem verspreiden.

3. Recht op eerbied voor het werk
Het recht op eerbied voor het werk, integriteitsrecht of adaptatierecht, laat de fotograaf toe zich tegen elke wijziging of verandering van zijn werk te verzetten.
In deze context wordt de karikatuur van een bestaand werk niet beschouwd als een nieuw, origineel werk, gemaakt door een andere auteur (die er zelf auteursrecht kan op laten gelden), maar als de vervorming/ verandering van een bestaand werk (en du seen inbreuk op het auteursrecht van de oorspronkelijke kunstenaar/fotograaf).

schema auteursrecht / portretrecht - deel 3a

V. Recht op vergoeding van de auteur
In situaties waarbij de fotograaf een bepaald gebruik van zijn beeldmateriaal niet kan verbieden, heeft hij, als tegenprestatie het recht op een vergoeding.

Dankzij de vergoeding voor privékopies is het niet nodig om de toestemming van de auteur te vragen voor het kopiëren van een werk voor privégebruik. Als compensatie ontvangen auteurs een vergoeding die betaald wordt via een heffing op de invoer en verkoop van materiaal waarmee kopieën kunnen worden gemaakt.

Voor de uitoefening van zijn auteursrecht, kan de fotograaf beroep doen op een auteursvereniging/beheervennootschap zoals SOFAM.
Dergelijke beheervennootschap wordt erkend en haar activiteiten gecontroleerd door het Ministerie van Justitie.

Deze tekst werd samengesteld door Patrick Verbessem.

Het hoe, wat en waarom van auteurs- & portretrecht – deel 2


Gebruik van fotografisch beeldmateriaal
in een private, publieke of commerciële context.
Wat mag, wat moet en wat doe je best niet?

schema auteursrecht / portretrecht - deel 2

III. Vermogensrechten
Het auteursrecht omvat een aantal vermogensrechten of exploitatierechten.
Deze rechten geven de houders van het auteursrecht de mogelijkheid inkomsten te verwerven uit hun artistieke werk.
Vermogensrechten zijn vervreemdbaar en kunnen dus afgestaan worden.
Reproductierecht en recht van mededeling aan het publiek zijn de belangrijkste exploitatierechten die van toepassing zijn op fotografisch beeldmateriaal.
Het volgrecht is van minder belang voor fotografen, het wordt hier volledigheidshalve vermeld.

1. Reproductierecht
Alleen de fotograaf heeft het recht zijn foto op welke wijze of in welke vorm ook (ttz. direct of indirect, volledig of gedeeltelijk, tijdelijk of duurzaam) te reproduceren of te laten reproduceren.

Je hebt de toestemming van de fotograaf echter niet nodig wanneer de reproductie dient voor bijvoorbeeld privé gebruik, onderwijsdoeleinden, wetenschappelijk onderzoek, bibliotheken, musea of archieven, in het kader van kritiek, polemiek, recensie of in het kader van actualiteitsverslaggeving (enkel voor zover het werk geldig bekend werd gemaakt door de auteur).
Voor alle andere toepassingen heb je wel zijn uitdrukkelijke toestemming nodig.

Het auteursrecht van anderen – fotograferen van beeldhouwwerken, monumenten en gebouwen
Uiteraard genieten ook beeldhouwers en architecten auteursrechten. Zij beschikken bijgevolg over het reproductierecht voor hun eigen kunstwerken en realisaties.
Wanneer het werk, monument of gebouw als centraal element in het beeld wordt voorgesteld, dan kan je best toestemming vragen aan de maker.
Wanneer het echter louter deel uitmaakt van de achtergrond, kan het zonder.
Je kan deze benadering vergelijken met het principe van de ‘gerichtheid’ of ‘ongerichtheid’ bij portretten (zie hierna, pagina 11).
Denk bijvoorbeeld aan het MAS in Antwerpen of het Atomium in Brussel.

Met andere woorden:
– Wil je dus als fotograaf een architectonisch interessant gebouw fotograferen, dan heb je de toestemming van de architect daarvoor nodig.
– Wil deze architect vervolgens het (door hem toegestane) beeld commercieel gebruiken, dan heeft hij de toestemming van de fotograaf nodig.

2. Recht van mededeling aan het publiek
Alleen de fotograaf heeft het recht om te beslissen of en hoe zijn werk wordt publiek gemaakt.
Hij zal een licentie verlenen voor een welbepaald gebruik.
Denk met andere woorden goed na over het gebruik dat je in gedachten hebt voor het beeldmateriaal.
Hou er rekening mee dat een gebruikslicentie aan jou wordt gegeven. Tenzij anders werd afgesproken, komt het je, als licentiehouder, niet toe de beelden ter beschikking te stellen aan derden!
De fotograaf kan ook de beslissing nemen om zijn rechten af te staan.

Voor het recht van mededeling aan het publiek gelden dezelfde voorwaarden als voor het reproductierecht wat de (al of niet) noodzakelijke toestemming betreft.

3. Volgrecht
Het volgrecht betreft alleen auteurs van werken van grafische of beeldende kunst, zoals schilderijen, beeldhouwwerken, collages, gravures, lithografieën, enz.
Het heeft de bedoeling de auteur te laten delen in de opbrengsten van de opeenvolgende (openbare) verkopen van het werk, aangezien een verkoop de voornaamste exploitatiewijze van dergelijke werk uitmaakt.
Voorwaarde is dat het aangeboden werk een minimum verkoopprijs realiseert, waarop de kunstenaar vervolgens recht heeft op een percentage van de verkoopprijs, dat degressief is in functie van de hoogte van de verkoopprijs.

Deze tekst werd samengesteld door Patrick Verbessem.

Het hoe, wat en waarom van auteurs- & portretrecht – deel 1


Gebruik van fotografisch beeldmateriaal
in een private, publieke of commerciële context.
Wat mag, wat moet en wat doe je best niet?

In een zestal bijdragen verduidelijk ik de spelregels in verband met auteurs- en portretrecht.
Een aanrader voor iedereen die fotografisch beeldmateriaal voor commerciële doeleinden wenst te gebruiken.

I. Vooraf

In het analoge pre-internet tijdperk was de situatie behoorlijk eenvoudig: een fotograaf nam een foto, vergrootte ze en verkocht de afdruk aan z’n klant.
Het negatief bleef eigendom van de fotograaf, de klant kon gebruik maken van de afdruk.
En iedereen was tevreden.

Dit transactiemodel hield meer dan een eeuw stand, totdat de ene ‘e’-revolutie na de andere ‘i’-omwenteling onze hele belevingswereld ging digitaliseren en de beschikbaarheid van en toegang tot fotografisch beeldmateriaal exponentieel vereenvoudigd werd.
Tegelijkertijd werd de toepassing van, sinds jaar en dag, bestaande rechten een steeds groeiende bron van verwarring en frustratie.

Termen als auteursrecht, reproductierecht, intellectueel recht, portretrecht, exploitatierecht en ga zo nog maar een tijdje door, maken dat de meesten onder ons door de bomen het bos niet meer zien.
Deze bijdrage wil dan ook een poging zijn om als verhelderende natuurwandeling dienst te doen.

schéma auteursrecht / portretrecht - deel 1

II. Auteursrecht

Auteursrecht is het recht van een auteur op officiële erkenning en bescherming van zijn of haar intellectuele en/of artistieke creatie met een zekere originaliteit.
Deze originaliteit veronderstelt twee elementen: intellectuele inspanning en verbondenheid met de persoonlijkheid van de auteur.
Niet de ideeën, concepten of methodes die ten grondslag liggen aan (de creatie van) de foto worden beschermd, enkel de in vorm gegoten realisatie ervan: in het geval van de fotograaf, de foto zelf dus.

Het auteursrecht behoort tot de intellectuele rechten, maar in tegenstelling tot bijvoorbeeld octrooirecht of merkenrecht, ontstaat het automatisch op het moment dat bijvoorbeeld de fotograaf een foto maakt.
Een formele registratie-aanvraag is dus niet vereist, wat maakt dat het gebruik van het copyrightteken ‘©’ niet verplicht is.

Auteursrecht geldt tot 70 jaar na de dood van de fotograaf, te rekenen van de 1ste januari volgend op de datum van overlijden. (Dit is het geval in alle EU-landen, in de Verenigde Staten hanteert men echter een termijn van 95 jaar.) Nadien behoort de foto tot het publieke domein en kan ze vrij gebruikt worden.

De auteursrechten worden opgesplitst in vermogensrechten en morele rechten. Daarnaast speelt het portretrecht, ook al maakt het in wezen deel uit van de persoonlijkheidsrechten, een belangrijke rol.

Deze tekst werd samengesteld door Patrick Verbessem.